Jan Schut

2 oktober 1944

Jan Schut
08-06-1918
02-10-1944
Hattemseweg 44

Jan Schut is een van de leden van de verzetsgroep “Vrije Groep Narda”. Zijn bijnaam is “Jan met de motor”, want als wachtmeester van de Marechaussee heeft hij een zware Harley Davidson motor. Buiten diensttijd verzorgt hij koeriersdiensten en wapentransporten voor de gewestelijke sabotage-commandant van Gelderland en Overijsel en de top van de landelijke knokploegen in Rotterdam.

Klik hier voor het hele verhaal

Vanwege zijn uniform wordt Schut wel eens voor NSB’er aangezien en dat komt hem soms goed van pas voor zijn ondergrondse werk. Voor zijn ritten naar het westen hevelt hij de nodige benzine over uit de Duitse vrachtauto’s.

Als op zaterdag 30 september 1944 Schut niets vermoedend het huis van verzetsleider Narda van Terwisga aan de Paul Krugerstraat binnengaat heeft hij informatie bij zich over een wapentransport. Door verraad van een van de leden, de 24-jarige Willem L’Ecluse, heeft de SD alle adressen van de verzetsgroep in handen gekregen. Hij wordt in de rug aangevallen en kan zijn dienstpistool en revolver niet gebruiken. Schut wordt overgebracht naar het hoofdkwartier van de SD aan de Mr. Van Rhemenslaan 7.

Maandagmorgen 2 oktober 1944 worden Schut, vijf andere verzetsstrijders van de “Vrije Groep Narda” en de twee geallieerde vliegeniers per vrachtauto overgebracht van de van Rhemenslaan naar het Apeldoornse Bosch. Bij aankomst staat het executiepeloton al gereed. Ze worden op een rij geplaatst als Jan Barendsen zijn jas losknoopt en het Wilhelmus aanheft dat door de anderen wordt overgenomen.  Ze worden doodgeschoten terwijl ze het volkslied van Nederland zingen.

Ter waarschuwing en afschrikking voor de bevolking worden de lichamen op verschillende straathoeken in Apeldoorn neergelegd. Bij ieder lichaam wordt een bord geplaatst met het opschrift “Terrorist”. Ze zijn daar drie tot vier dagen blijven liggen. Jan Schut wordt neergelegd bij de Nieuwstraat, hoek Badhuisweg.

Nieuwstraat, hoek Badhuisweg.

Jan Schut is in 1920 geboren, de oudste zoon van Gerrit Schut en Alberta Jochems. Hij heeft nog een zus Heintje en een broer Hendrik. Zij hebben een boerderij aan de Kuipersdijk.  Het gezin Schut is begaan met het lot van joden en onderduikers. In een geheime kelder onder de koestal vinden tot aan het eind van de oorlog veel joodse landgenoten een toevlucht. Na zijn diensttijd neemt hij dienst bij de Koninklijke Marechaussee. Bij het uitbreken van de oorlog is hij 21 jaar. In 1941sluit hij zich ook aan bij het verzet. Op 11 augustus 1944 trouwt Schut met Mientje Kruitbosch uit Hardenberg.