Joop Abbink

September 1944

Joop Abbink
01-10-1916
08-11-2013
Lammerweg 7
(Prinses Beatrixlaan)

Al vroeg in de oorlog probeert Joop Abbink toe te treden tot het verzet. Echter zonder veel succes. Als hij bij Fokker werkt wordt hij betrapt bij het naar buiten smokkelen van constructietekeningen van een Fokker gevechtsvliegtuig. Ook het plan om een nieuw clubhuis van de Jeugdstorm, dat zou worden geopend door NSB leider Mussert, plat te branden met een Molotov-cocktail, mislukt.

Klik hier voor het hele verhaal

Op 8 mei 1943 wordt David van der Reis op het station van Apeldoorn gearresteerd door de Duitsers. Van der Reis is een goede vriend van Abbink. De opdracht voor de arrestatie komt van de Apeldoornse jodenjager Jannes Doppenberg. Van der Reis wordt via Westerbork gedeporteerd naar Sobibor waar hij op 21 mei 1943 wordt vermoord. Op 9 oktober 1943 schiet Abbink, geholpen door Cor van den Dool, als wraak Doppenberg neer in de buurt van zijn huis aan de Hogeweg. Elf dagen later overlijdt Doppenberg.

Na de oprichting van de KP-Apeldoorn Abbink is direct betrokken bij de succesvolle overval op De Koepel in Arnhem op 11 mei 1944. De kopman van de LO Ds Frits Slomp (schuilnaam Frits de Zwerver) is daar gevangen genomen en moet worden bevrijd. Abbink is een van de mannen die de gevangenisdeur van Ds Slomp opentrekt.

Twee maanden later op 11 juni 1944 vindt er weer een succesvolle overval plaats in Arnhem. Ditmaal op het Huis van Bewaring waar een andere lid van het verzet in Arnhem gevangen zit. Na een aantal mislukte pogingen dringen ze bij de vierde poging midden op de dag het Huis van Bewaring binnen via de directeurswoning en bevrijden 54 gevangenen.

Met de KP-Apeldoorn is Abbink niet zo succesvol. Een aantal overvallen op distributiekantoren Epe en Zwolle mislukken, alsmede ook een kraak op de Nederlandse Arbeids Dienst in Apeldoorn. Een kraak op het postkantoor van Epe lukt wel.

Vanaf augustus tot begin oktober 1944 houdt Abbink zich volop bezig met de eerste wapendroppings op de Veluwe. Via Scheepstra en de Landelijke Sabotage Commandant (LSC) Jan van Bijnen (schuilnaam Frank) worden de eerste droppings georganiseerd. De Apeldoornse KP wordt hiervoor uitgebreid en opgesplitst in de KP-1, KP-2 en KP-3. Abbink wordt commandant van de drie Apeldoornse knokploegen. Cees Stoové (schuilnaam (Ouwe Kees of Grote Kees) wordt Gewestelijk Sabotage Commandant (GSC).

Naast wapendroppings houden ze zich ook bezig met sabotageacties aan het spoor. Ninette Opolski (schuilnaam Jetje van Galen), is koerierster van de KP-Apeldoorn en weet Abbink zover te krijgen dat ze een keer mee mag. Ze is er bij als de KP-Apeldoorn, waarschijnlijk 25 september 1944, de spoorlijn bij Assel opblaast. Later die nacht komt Jan Schut ze waarschuwen dat er een dropping op komst is op de Zesendertig Bunder.

Na de executie op de leden van de “Vrije Groep Narda” en de razzia in Apeldoorn op 2 oktober 1944 wordt het de staf van de KP-Apeldoorn te heet onder de voeten. Ze verlaten hun commandopost aan de Sprengenweg 14 (ouderlijk huis van Cor van den Dool) en vluchten de Wieselse bossen in naar een tweetal vakantiehuisjes -“Onze Pondok” en “Bie de Zandhegge”- daar in het bos gelegen. Daar gaan Abbink, Schalk Toom (schuilnaam Koen), Scheepstra, Stoové, Sep Postma (schuilnaam Witte Dirk) en Gerrit Meerhof verder met hun verzetsactiviteiten.

Op 10 oktober 1944 kammen de Duitsers met 40.000 soldaten het hele gebied uit. De Staf moet vluchten en Abbink en Toom trekken samen op. Toom verstuikt daarbij zijn enkel. Ze worden uiteindelijk opgepakt, maar zijn al zo ver uit het gebied dat ze niet in verband worden gebracht met de activiteiten van de KP-Apeldoorn. Hun alibi is niet waterdicht waardoor Abbink gevangen wordt gezet in de Willem III kazerne. Toom wordt gevangen gezet in Doesburg en tewerk gesteld aan de IJssellinie. Daar weet hij niet veel later te ontsnappen.

Abbink wordt vanuit de Willem III kazerne vervoerd naar de SD Dienststelle aan de Van Rhemenslaan 7. Daar wordt hij verhoord door Ferdinand Frankenstein en Willy Vandevelde. Abbink liegt een verhaal bij elkaar dat voldoende stand houdt om niet ter dood veroordeeld te worden. Maar hij wordt ook niet vrijgelaten. Via het Polizeiliches Durchgangslager in Amersfoort wordt hij op 2 februari 1945 gedeporteerd naar kamp Neuengamme bij Hamburg.

In april 1945 wordt het op hun beurt de Duitsers te heet onder hun voeten en transporteren ze de gevangenen van Neuengamme naar een verlaten barakkencomplex bij Sandbostel. Op 29 april 1945 vindt een Britse legergroep het kamp en wordt Abbink, meer dood dan levend, overgebracht naar een British hospital.

Als bekend wordt dat Abbink nog leeft halen twee verzetskameraden hem met een geleende ambulance op uit Duitsland. In Apeldoorn wordt hij verder verzorgd in het Juliana ziekenhuis. Abbink overleeft de oorlog en overlijdt op 8 november 2013 in Wageningen.