Marten Lubberts

10 oktober 1944

Marten Lubberts
24-04-1910
15-05-1945
Zwolseweg 459

Begin september 1944 melden Marten Lubberts en Herman van der Zee zich samen aan bij de KP-Apeldoorn. Ze werken mee aan wapendroppings en spoorwegsabotage. Ze worden ingedeeld bij KP-3. Marten maakt één fout en dat is dat hij zich laat registreren bij een actie op de Zesendertig Bunder. Van der Zee weigert dit.

Klik hier voor het hele verhaal

Bij de vlucht van de staf van de KP-Apeldoorn uit de Wieselse bossen om te ontkomen aan de razzia van de Duitsers laat Cees Stoové zijn tas met aantekeningen achter waaronder waarschijnlijk het registratieformulier van Lubberts.

Lubberts werkt als tuinman en chauffeur op het landgoed Huize Wiessel van Albert Huidekoper dat later wordt verkocht aan Jhr. Roëll. Roëll is bevriend met Prins Bernhard. Lubberts blijft ook onder Jhr. Roëll werken op Huize Wiessel. Lubberts trouwt met Aukje Ritsma en zij krijgen twee dochters. Ze wonen in een vrijstaand huis aan de Zwolseweg 459. Na de vlucht van het Koninklijk Huis naar Engeland slaat Lubberts daar de bezittingen van Prins Bernhard op op zolder.

Lubberts weet van het werk van Huidekoper voor het Nationaal Steunfonds (NSF) en de Landelijke hulp aan Onderduikers (LO). Hij weet van de vele onderduikers op het landgoed en in de Wieselse bossen. Op 10 oktober 1944, op de vlucht voor de razzia, wordt hij samen met Herman van der Zee door de Duitsers opgepakt in Vierhouten. Ze worden gevangengezet in de Willem III kazerne. Vanwege het gevonden registratieformulier wordt Lubberts via kamp Amersfoort getransporteerd naar Wöbbelin. Van der Zee wordt vanwege gebrek aan bewijs vrijgelaten.

Op 2 mei 1945 bevrijden de Amerikanen kamp Wöbbelin. Medegevangenen herinneren dat Marten Lubberts in redelijk goede fysieke en geestelijke staat verkeert en op eigen gelegenheid de reis terug maakt naar Nederland. Aangekomen bij een brug over de Elbe wordt hij aangereden door een Amerikaans voertuig en verbrijzelt zijn linkerbeen. Lubberts belandt in een veldhospitaal in Dannenberg waar zijn been wordt geamputeerd. Daarna wordt niks meer van hem vernomen. Hij sterft naar men aanneemt op 15 mei 1945.